Drie milleniumdoelstellingen van onze partnerorganisatie

In 2000 beloofden 189 landen op de Millenniumtop van de Verenigde Naties om vóór 2015 de extreme armoede van ongeveer 1,5 miljard mensen te halveren, ziektes als malaria en aids te stoppen, honger uit te bannen en meer mensen een duurzaam leefmilieu te verschaffen. Nederland onderschrijft ook de 8 Millennium Ontwikkelingsdoelen.

Togo behoort tot de kleine groep allerarmste en minst ontwikkelde landen in de wereld. En binnen Togo is het met de Doelgroep nog beroerder gesteld: zelfs voor Togolese normen is de bevolking in het Doelgebied Kpékpéta extreem arm. En in de Sub-Zone Avégamé waar heel veel illegaal gesettelde migranten wonen en waar het concrete werk werd opgestart, is die armoede nog schrijnender.  Het is dan ook begrijpelijk dat armoedebestrijding een nationale prioriteit is en dat de private sector wordt aangespoord om haar steentje bij te dragen.

De Traditionele Overheid en het Tomoka-bestuur ontmoeten elkaar regelmatig. De twee opperhoofden (in traditionele gewaden)moeten Tomoka’s Projectplannen ratificeren. GuKam heeft twee zetels in het 11-koppige Tomoka-Bestuur.

Jatropha-zaden en stekken van wilde planten worden door de projectleiding zelf verzameld en geadmininistreerd voor zaad-veredelings-proeven op Tomoka’s Pilot Plantation.

Op initiatief van GuKam heeft het hoogste gezag op Canton-niveau ( Opperhoofd Togbui Akuagbi III en zijn Raad) en het dynamische Stamhoofd van het Doelgebied Kpékpéta (Togbui Dzéto) de non-profit organisatie Tomoka officieel opgericht en in grote lijnen opgezet.

Deze initiatiefnemers en oprichters van Tomoka hebben hun sociaal-economische ontwikkelingsplannen en actieprogramma’s gefocust op concrete, meetbare bijdragen aan de drie Millenniumdoelen (afgekort als MOD)  die het beste passen bij de situatie in het Doelgebied. Daar is door snelle ontbossing het regenwoud in minder dan 15 jaar veranderd in een savanne en zijn de leefomstandigheden van zowel de autochtone als de allochtone bevolking bijzonder moeilijk. Vrouwen worden bovendien onevenredig belast met huishoudelijke taken zoals het aanvoeren van drinkwater over grote afstanden. Daardoor kunnen zij weinig of geen eigen inkomsten genereren. Vandaar dat Tomoka met allerlei infrastructurele verbeteringen en het scheppen van kleinschalige agro-industrie de productieve inbreng en inkomsten van vrouwen bevordert.

Kortom de drie onderling verweven milleniumdoelstellingen waarop Tomoka zich het meeste richt zijn:

Millenniumdoel 1: Het uitbannen van Extreme Armoede en Honger

Tomoka realiseert dit Millenniumdoel vooral met twee onderling samenhangende Actieprogramma’s:

  • Landbouw: de verbeterde productie van voedselgewassen en Jatropha voor bio-energie
  • Lokale Agro-industrie: op basis van de eigen oogsten en bio-energie

Millenniumdoel 3: Gelijkberechtiging van mannen en vrouwen

Tomoka realiseert dit Millenniumdoel vooral binnen het Programma Agro-industrie door de nieuwe agro-industriële activiteiten vooral aan vrouwen(groepen) toe te kennen. Ook zijn tuinbouwprojecten  binnen het landbouwprogramma. Binnen de overige vier actieprogramma’s heeft de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen altijd een expliciete plaats, onder meer door de huishoudelijke belasting van vrouwen te verlichten, door hen een gelijkwaardige inspraak te geven in de nieuwe organisaties die van de grond komen, en door hen als medeondertekenaar gelijke rechten toe te kennen in de pachtovereenkomsten waarmee landloze boeren grond verwerven van de Traditionele Overheid in het Doelgebied. Dat laatste is een belangrijk aspect in een van Tomoka’s landbouwprojecten. Zie daarvoor Project 505 op Tomoka’s website. Dat voorziet erin dat die boeren geordend gevestigd worden in groepjes van enkele gezinnen zodat men efficient gemeenschappelijke voorzieningen (putten, latrines, gereedschap) kan gebruiken en vrouwen veel tijd en werk wordt bespaard.

Millenniumdoel 7: Realiseren van een duurzaam leefmilieu

Tot dit doel behoort ook het realiseren van veilig drinkwater en sanitaire voorzieningen. Tomoka begon daarom meteen met het uitwerken van plannen voor de realisering  van een  veilig drinkwatersysteem waarmee iedereen per dag de beschikking krijgt over 3 liter schoon water binnen een loopafstand van 15 minuten. Tomoka’s website bericht hier gedetailleerd over in de documenten 5.1 en 5.2.

Bovenden heeft Tomoka een Milieuprogramma ontwikkeld waarin de projecten gericht zijn op inventarisatie en natuurvriendelijke exploitatie van natuurlijke rijkdommen, het beschermen en beheren van de leefomgeving, en het voorkomen van erosie en degradatie door o.m. bomen aan te planten die vooral voor vrouwen meer inkomsten zullen opleveren.

Het Tomoka-Bestuur wordt geschoold voor haar bestuurlijke taken. Zie Tomoka’s rapporten 6.6 en 6.7 op haar website (link 76).

Stagiaires Gemeenschapsontwikkeling worden  zes weken door GuKam ingezet op Tomoka’s projecten. Stagiair Adama (rechts) legt de onderwijzer uit hoe de kaart van het Canton er uit ziet.

Uiteraard worden ook duidelijke bijdragen geleverd aan de afname van kindersterfte (MOD4) en van sterfte van zwangere vrouwen(MOD5). Omdat onderwijs en vorming van strategisch belang zijn bij elke verdere ontwikkeling, zijn de initiatiefnemers van Tomoka vanaf het eerste begin in 2010 begonnen met verbeteringen van het lokale onderwijs (MOD2). Binnen die onderwijsinspanning wil onze Stichting vooral hulp bieden aan het basisonderwijs in het gehucht Avégamé (één van de zes Subzones van Tomoka’s Doelgebied Kpékpéta). Ook gaat onze aandacht in sterke mate uit naar de Training- en vormingsaspecten die gepaard moeten gaan met de invoering van praktische verbeteringen van de leefomstandigheden. Voorbeelden daarvan zijn : Voorlichting over het nut en het in stand houden van voorzieningen voor schoon drinkwater en hygiëne (handen wassen met geïmproviseerde watertappunten; latrines), samenwerking bij productie, veilige opslag en verkoop van oogsten, en het functioneren van lokale boerenorganisaties.